Overslaan en naar de inhoud gaan

Fries Landbouwmuseum verwerft 200 jaar oude modellenverzameling van nationaal belang

Fries Landbouwmuseum met nieuwbouw woningen op de achtergrond in de nieuwe wijk Middelsee

LEEUWARDEN – Het Fries Landbouwmuseum heeft afgelopen week een bijzondere schenking ontvangen: een verzameling 19e-eeuwse modellen van landbouwwerktuigen, die van nationaal belang worden beschouwd. De collectie vindt haar oorsprong in het Kabinet van Landbouw, opgericht in 1815 in Amsterdam door Jan Kops. Via het inmiddels opgeheven Museum Historische Landbouwtechniek in Wageningen is de verzameling, mede dankzij de bemiddeling van oud-voorzitter prof. J.W. Hofstee, overgedragen aan het museum in Leeuwarden.
“Het is een topverwerving en uniek in Nederland,” aldus directeur Peter Wester.

Voor zover bekend werden in Nederland aan het eind van de 18e eeuw voor het eerst landbouwwerktuigmodellen van hoge kwaliteit gemaakt. De belangstelling voor landbouw groeide destijds sterk onder de gegoede stedelijke elite. Rijke kooplieden bezaten vaak uitgestrekte landgoederen die zij verpachtten en lieten exploiteren door zetboeren. Om nieuwe werktuigen te introduceren lieten zij soms schaalmodellen maken, waarmee zij binnenshuis demonstraties gaven: “op een gladde tafel, tot groot vermaak van het gezelschap.”

Buitenland

Ook in het buitenland ontstond rond 1800 belangstelling voor modellen van landbouwwerktuigen. In Duitsland richtte de landbouwkundige Albrecht Thaer (1752-1828) in Möglin bij Berlijn een landbouwschool op. Hij introduceerde Engelse landbouwmethoden in Duitsland en verwierf grote bekendheid door zijn publicaties. Omdat transport en productie van nieuwe werktuigen kostbaar waren, liet Thaer exacte schaalmodellen maken. Lokale ambachtslieden konden deze gebruiken om werktuigen in ware grootte na te bouwen, ook zonder technische tekeningen.

Een belangrijke producent was de ‘Ackergerätefabrik’ van de landbouwschool in Hohenheim bij Stuttgart (1819-1904). Deze specialiseerde zich vooral in ploegmodellen. Vandaag de dag bewaart Hohenheim nog ruim 450 modellen uit verschillende landen.

Jan Kops 

Omstreeks 1810 kocht de Nederlandse landbouwkundige Jan Kops (1765-1849) modellen van Thaer en Hohenheim aan. Deze kwamen terecht in het Kabinet van Landbouwwerktuigen in Amsterdam, een technisch museum met zowel schaalmodellen als werktuigen op ware grootte. Het doel was boeren en ambachtslieden kennis te laten maken met de nieuwste landbouwinnovaties.

Na de instelling van leerstoelen in de landhuishoudkunde aan de universiteiten van Groningen, Leiden en Utrecht (1815) verhuisde het Kabinet naar Utrecht. Later kwamen er ook soortgelijke kabinetten in Groningen en Leiden.

In 1876, na de oprichting van de Rijkslandbouwschool (nu Wageningen University & Research), besloot de minister van Binnenlandse Zaken de collecties samen te voegen en naar Wageningen te verplaatsen. Tijdens het transport en door gebrekkig onderhoud gingen veel stukken verloren. Ook tijdens de Tweede Wereldoorlog leed de collectie zware schade.

Overdracht

Ondanks alles bleven 22 modellen behouden. In 1977 kregen zij onderdak in het Museum Historische Landbouwtechniek (MHL) in Wageningen. Na de sluiting van dit museum in 2004 werd de verzameling opgeslagen. Met de definitieve liquidatie van het MHL is de collectie nu officieel overgedragen aan het Fries Landbouwmuseum, waar zij permanent tentoongesteld wordt. (Een andere, later vervaardigde modellencollectie van Van Brakel van den Eng bevindt zich in Museum Wageningen.)

Wettelijke bescherming

De collectie mag Nederland niet verlaten. Op 22 februari 1995 is de cultuurhistorische en wetenschappelijke waarde officieel erkend door de staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen. De modellen staan sindsdien vermeld op de lijst van beschermde voorwerpen van de Wet tot behoud van cultuurbezit (1984). Deze wet voorkomt dat voorwerpen en verzamelingen die van groot belang zijn voor het Nederlands erfgoed naar het buitenland verdwijnen.

Model van een karploeg, onderdeel van de geschonken collectie